Zacharia

Uit Christipedia
Versie door Kees Langeveld (overleg | bijdragen) op 9 sep 2019 om 06:49
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Zacharia (= "Jahweh herinnert zich"[1]) is in de Bijbel de naam van verschillende mannen.

1. zoon en opvolger van koning Jerobeam II van Israël, 8e eeuw v.C. Zie hieronder.

2. de grootvader van koning Hizkia;

3. ook Zecharia geheten, een hoofd van de portiers of deurwachters van de tempel;

4. een Benjaminiet, ook Zecher genoemd;

5. de zoon van de hogepriester Jojada, door de geest van God bezield, wegens zijn vrijmoedige taal door koning Joas gedood. Zie verderop in dit artikel.

6. een profeet, een tijdgenoot van koning Uzzia;

7. een profeet na de Babylonische ballingschap optrad en een tijdgenoot van de profeet Haggaï was. Zie hieronder.

8. enige Levieten, ten tijde van Josia, Hizkia, Ezra;

9. onderscheidene priesters en andere Israëlieten, die na de ballingschap vermeld worden en van wie niets bekend is.

10. Zacharia of Zacharias, de vader van Johannes de Doper

Koning Zacharia van Israël

Hij was de zoon en opvolger van Jerobeam II, koning van Israël. In het 38e jaar van Azaria koning van Juda (2 Kon. 15:8), ca. 751 v.C., beklom hij de troon, en na zes maanden werd hij door zijn opvolger Sallum vermoord. Zijn bestuur was te kortstondig, om iets wezenlijks tot stand te brengen.

950 — 850 v.C. < Israël 800 — 700 v.C.[2] > 750 — 650 v.C.
SanheribHizkiaSalmaneserHosea (koning)AchazPekahPekahiaPulJothamMenahemSallumZachariaRezinJerobeam IIUzziaAmaziaBenhadadJoas (koning van Israël)JoahazJoas (koning van Juda)

Zacharia de zoon van Jojada

Zacharia, de zoon van de hogepriester Jojada, door de geest van God bezield, werd wegens zijn vrijmoedige taal door koning Joas gedood.

2Kr 24:20 En de Geest Gods toog Zacharia aan, den zoon van Jojada, den priester, die boven het volk stond, en hij zeide tot hen: Zo zegt God: Waarom overtreedt gij de geboden des HEEREN? Daarom zult gij niet voorspoedig zijn; dewijl gij den HEERE verlaten hebt, zo zal Hij u verlaten. 2Kr 24:21 En zij maakten een verbintenis tegen hem, en stenigden hem met stenen door het gebod des konings, in het voorhof van het huis des HEEREN. 2Kr 24:22 Zo gedacht de koning Joas niet der weldadigheid, die zijn vader Jojada aan hem gedaan had, maar doodde zijn zoon; dewelke, als hij stierf, zeide: De HEERE zal het zien en zoeken! (SV)

Sommigen menen dat waar in het Nieuwe Testament gesproken wordt van Zacharia, de zoon van Barachia of Berechja (Matth. 23:35, zie hieronder), Zacharia de zoon van Jojada bedoeld is. De naam van zijn vader zou met die van de profeet Zacharia verwisseld zijn. Hiervoor is echter niet voldoende bewijs.

De profeet Zacharia

Zacharia afgebeeld door de fantasie van de schilder James Tissot.

Hij was de zoon van Berechja (Barachia), wellicht dezelfde als de schrijver het Bijbelboek Zacharia, wiens geschrift in de rij der 12 kleine profeten opgenomen is.

Er zijn geleerden, die de hoofdstukken 1 t/m 8 aan Zacharia, de zoon van Berechja, de tijdgenoot van Haggaï, omstreeks 520 vóór Chr. levend, toeschrijven, de hoofdstukken 9 - 11 echter aan een ons onbekende tijdgenoot van de profeet Hosea, levend omstreeks 750 vóór Chr., de hoofdstukken 12 - 14 tenslotte aan een ons evenzeer onbekende tijdgenoot van koning Jojakim, omstreeks 600 vóór Chr. Anderen houden staande, dat het gehele boek van één schrijver is, te weten van Zacharia, die in het begin der regering van Darius Hystaspis profeteerde, en door zijn godspraken, hoofdstukken 1 - 8, veel bijdroeg tot de hervatting van de tempelbouw.

Hij was met Zerubbabel en Jozua uit de ballingschap weergekeerd en trad bijna gelijktijdig met Haggaï als profeet op. Nog ten tijde van de hogepriester Jojakim wordt van hem melding gemaakt. In het tweede deel van het boek, hoofdstukken 9 - 14, wordt een geheel nieuwe verzameling van onderscheiden godsspraken aangetroffen, welke betrekking hebben op de latere lotgevallen van de Joden, de komst van de Messias en de zegepraal van het rijk der waarheid over zijn vijanden.

De Heer Jezus zei dat Zacharia is vermoord.

Mt 23:34 Daarom, zie, Ik zend tot u profeten en wijzen en schriftgeleerden; van hen zult u er doden en kruisigen, en van hen zult u er in uw synagogen geselen en van stad tot stad vervolgen; Mt 23:35 opdat alle rechtvaardige bloed over u komt dat op de aarde is vergoten, van het bloed van de rechtvaardige Abel tot het bloed van Zacharia, de zoon van Barachia, die u hebt vermoord tussen het tempelhuis en het altaar. (TELOS)

Dat Zacharia vermoord is tussen het tempelhuis en het altaar weten wij alleen uit de woorden van de Heer, niet uit het boek van Zacharia noch uit de Joodse overlevering die wij bezitten. Daarom bestaat er verschil van mening over de identiteit van de Zacharia waarop de Heer doelt. Sommigen vereenzelvigen hem met de zoon van Jojada (zie boven). Een argument hiervoor is dat de moord van Jojada's zoon overeenkomt met de moord die de Heer Jezus aanduidt en vermeld is in de Bijbel, in het voor Joden het laatste Bijbelboek Kronieken. Jezus' woorden 'van' en 'tot' passen dan goed bij de volgorde van de Bijbelboeken in de Tenach: van Abel (in Genesis) tot Zacharia (in Kronieken).

Anderen[3] echter houden de Zacharia waarop de Heer Jezus doelt voor de profeet Zacharia, waarvan de Heer te kennen gaf de wijze waarop die profeet is omgebracht. De toedracht van de moord wordt niet van Abel meegedeeld, omdat die bekend was uit de Schrift.

Bron

P.J. Gouda Quint, Woordenboek des Bijbels, inzonderheid ten gebruike bij de Statenvertaling. Haarlem: De erven F. Bohn, 1866. Tekst van het lemma 'Zacharia' is op 11 nov. 2017 verwerkt.

Voetnoten

  1. Aldus Hebreeuws-Nederlands Lexicon, onderdeel van de Online Bible, een uitgave van Importantia.
  2. De jaartallen zijn meerendeels ontleend aan Bijbels ontstaansmodel; tijdbalk Masoreten (Stichting De Oude Wereld, 2009).
  3. Bijvoorbeeld Gleason L. Archer, Encyclopedia of Bible Difficulties (Grand Rapids, Michigan: Zondervan Publishing House, 1982), blz. 337-338.