2 Thessalonicenzen/Onderwerpen/Mens der zonde

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Op deze pagina wordt het onderwerp Mens der zonde in verband met het bijbelboek 2 Thessalonicenzen behandeld.

De mens der zonde is een persoon die in hoofdstuk 2 van de tweede brief van Paulus aan de Thessalonicenzen wordt beschreven.

2Th 2:1 Wij vragen u echter, broeders, in verband met de komst van onze Heer Jezus Christus en onze bijeenvergadering tot Hem, 2Th 2:2 dat u niet zo snel in uw denken geschokt of verschrikt wordt, noch door geest, noch door woord, noch door brief als van ons, alsof de dag van de Heer al aangebroken zou zijn. 2Th 2:3 Laat niemand u op enigerlei wijze bedriegen, want die komt niet als niet eerst de afval gekomen is en de mens van de zonde geopenbaard is, de zoon van het verderf, 2Th 2:4 die zich verzet en zich verheft tegen al wat God heet of een voorwerp van verering is, zodat hij in de tempel van God gaat zitten en zichzelf vertoont dat hij God is. 2Th 2:5 Herinnert u zich niet dat ik u dit gezegd heb, toen ik nog bij u was? 2Th 2:6 En nu, u weet wat hem tegenhoudt, opdat hij geopenbaard wordt op zijn tijd. 2Th 2:7 Want de verborgenheid van de wetteloosheid werkt al. Alleen hij die nu tegenhoudt, blijft totdat hij weggenomen wordt. 2Th 2:8 En dan zal de wetteloze geopenbaard worden, die de Heer Jezus zal verteren door de adem van zijn mond en ten niet doen door de verschijning van zijn komst; 2Th 2:9 hem, wiens komst naar de werking van de satan is met allerlei kracht en tekenen en wonderen van de leugen, 2Th 2:10 en met allerlei bedrog van de ongerechtigheid voor hen die verloren gaan, omdat zij de liefde tot de waarheid niet hebben aangenomen om behouden te worden. 2Th 2:11 En daarom zendt God hun een werking van de dwaling om de leugen te geloven, 2Th 2:12 opdat allen geoordeeld worden die de waarheid niet hebben geloofd, maar een welgevallen hebben gehad in de ongerechtigheid. (TELOS)

Kenmerken. Hij wordt genoemd 1. de mens van de zonde (vers 2), 2. de zoon van het verderf (vers 2), 3. de wetteloze (vers 8). Het hoofdkenmerk is zonde en wetteloosheid. Adam en Eva vielen in de zonde, maar hier staat iemand op die de zonde verpersoonlijkt. Zonde is wetteloosheid.

1Jo 3:4 Ieder die de zonde doet, doet ook de wetteloosheid; en de zonde is de wetteloosheid. (TELOS)

Wat aan zijn komst voorafgaat. Er is al iets gaande, er gist al iets in de wereld. De verborgenheid van de wetteloosheid werkt al, toen al, ten tijde van het schrijven van de brief.

Zijn komst. Zoals de Heer Jezus allerlei kracht en tekenen en wonderen deed, zo zal ook de mens der zonde doen (vers 9), met dit verschil dat de Heer Jezus die dingen deed uit God en de mens der zonde ze doet 'naar de werking van de satan'. God was in en door de Heer Jezus aan het werk, de satan is in en door de mens der zonde aan het werk.

Volgens sommigen[1] wordt hij geopenbaard halverwege de laatste jaarweek van Daniël. Dan begint volgens sommigen[1] de dag van Jahweh.

Zijn optreden. Zonde gaat in tegen de wil van God. De mens van de zonde verzet zich tegen God en verheft zich, maakt zich groot tegen al wat God heet of een voorwerp van verering is (vers 4). Hij gaat in de tempel van God zitten en vertoont zichzelf dat hij God is (vers 4).

Zijn einde. Paulus noemt hem 'de zoon van het verderf'. Hij is bestemd voor het verderf, hij is gedoemd onder te gaan. Zonde blijft niet ongestraft. De Heer Jezus zal hem bij Zijn komst verteren en tenietdoen (vers 8).

Identiteit

Wie is deze Mens der zonde. Wordt hij elders in de Schrift genoemd? Volgens velen is hij de Antichrist. Volgens sommigen is hij dezelfde als het Beest uit de zee, die met de Antichrist wordt vereenzelvigd. Volgens anderen[2] is hij dezelfde als het Beest uit de aarde, de valse profeet, die als de Antichrist geldt.

Wetteloosheid werkt al. De wetteloosheid die eens ten volle openbaar wordt, werkt al in de wereld.

2Th 2:6 En nu, u weet wat hem tegenhoudt, opdat hij geopenbaard wordt op zijn tijd. 2Th 2:7 Want de verborgenheid van de wetteloosheid werkt al. 

Iets dergelijks geldt ook bij de Antichrist. Deze heeft al voorlopers die een valse leer verkondigen.

Maakt zich groot tegen God. De Mens der zonde maakt zich groot tegen God. Dat doet het Beest uit de zee ook. De profeet Daniël schrijft van een toekomstige koning die zichzelf zal verheffen en groot maken boven alle God.

Da 11:36 En die koning zal doen naar zijn welgevallen, en hij zal zichzelven verheffen, en groot maken boven allen God, en hij zal tegen den God der goden wonderlijke dingen spreken; en hij zal voorspoedig zijn, totdat de gramschap voleind zij, want het is vastelijk besloten, het zal geschieden. (SV)

Die koning uit Daniël wordt door sommigen echter gezien als de Antichrist, die koning van Israël zal zijn[3].

Wondertekenen. De Mens der zonde schijnt wondertekenen te doen.

2Th 2:9 hem, wiens komst naar de werking van de satan is met allerlei kracht en tekenen en wonderen van de leugen, (TELOS)

Dat doet het Beest uit de aarde ook. Niet het Beest uit de zee, maar de valse profeet doet wondertekenen, waardoor hij de mensen misleidt.

Opb 13:13 En het doet grote tekenen, zodat het zelfs vuur uit de hemel laat neerdalen op de aarde ten aanschouwen van de mensen. (TELOS)

Dat de komst van de Mens der zonde gepaard gaat met allerlei kracht en tekenen, hoeft echter niet te betekenen dat hijzelf die krachten en tekenen doet. Het kan ook betekenen dat zijn komst gepaard gaat met het wonderdadig optreden van de valse profeet.

Valse god. De Mens der zonde neemt plaats in het huis van God en geeft zichzelf voor God uit. Het Beest uit de zee en zijn beeld ontvangen zullen aanbidding ontvangen. Dat doet vermoeden dat de Mens der zonde dezelfde is als het Beest uit de zee.

Hoofdfiguur. In de tweede brief aan de Thessalonicenzen is de Mens der zonde de enige figuur in de tijd van afval die voorafgaat aan de verschijning van de Heer. In het boek Openbaring is het Beest uit de zee de hoofdfiguur; het Beest uit de aarde is een minder prominente figuur en wordt minder vaak genoemd dan "het Beest" (uit de zee).

Voetnoten

  1. 1,0 1,1 Wim Zwitser, De komst van Christus en de opname van de Gemeente. Lezing in Veenendaal (NL), 10 juni 2017.
  2. G.H. Kramer, De verschijning van Zijn komst; Bijbelstudies over de Tweede Brief van Paulus aan de Thessalonikers (Vaassen: Medema, 1992), blz. 72, 85.
    W.J. Ouweneel, De openbaring van Jezus Christus; bijbelstudies over het boek Openbaring. Deel 2: hoofdstuk 8 -22 (Vaassen: Medema, 1990), blz. 95.
    Wim Zwitser, De komst van Christus en de opname van de Gemeente. Lezing in Veenendaal (NL), 10 juni 2017.
  3. W.J. Ouweneel, De openbaring van Jezus Christus; bijbelstudies over het boek Openbaring. Deel 2: hoofdstuk 8 -22 (Vaassen: Medema, 1990)