Agag

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Agag is de naam van de koningen der Amalekieten.

Zoals de koningen van de Egyptenaars met de naam van Farao werden aangeduid, zo werden die van de Amalekieten met die van Agag genoemd. In de Schrift worden twee koningen van Amalek zo genoemd.

Het woord Agag (Hebr. Agag) betekent ‘vlam’ of ‘de vurige’[1], of ‘Ik zal overtreffen’[2]. Het Arabische werkwoord, waarmee dit woord Agag in verband staat, betekent ‘branden’.

In de zegenspreuk van Bileam wordt van het volk Israël gezegd, dat zijn koning hoger dan Agag verheven zal zijn. Israël had toen nog geen menselijke koning.

Nu 24:7 Er stroomt water uit zijn emmers en zijn zaad krijgt overvloed van water; hoger dan Agag zal zijn koning oprijzen, zal zijn koningschap zich verheffen.(NaB)

Amalek is het volk, dat in bijzondere mate tegen Israël, het volk van God, vijandig optrad. Door Bileam wordt dus voorspeld, dat alle heidenen te samen niets vermogen tegen Israël, omdat Israëls Koning oneindig groter van macht is, dan de koningen van de heidenen. De Koning van Israël, waarover Bileam hier spreekt, is ongetwijfeld God zelf, of de Messias, wiens regering in die van David en Salomo is afgebeeld.

Saul, Israëls eerste menselijke koning, spaarde Agag, maar de profeet Samuël doodde de Amalekitische vorst daarna.

Haman, die het volk der Joden zocht uit te roeien, wordt 'de Agagiet' genoemd, wat hem in verband brengt met de Amalekieten. Hij is waarschijnlijk een nakomeling van een Amalekitische koning.

Es 3:1  Na deze gebeurtenissen maakte koning Ahasveros Haman, de zoon van Hammedatha, de Agagiet, groot en hij verhoogde hem. En hij plaatste zijn zetel boven al de vorsten die bij hem waren. (HSV)

Bron

Karl August Dächsel; F P L C van Lingen; H van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting) : met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar van Van Griethuijsen op Num. 24:7.

Voetnoten

  1. ‘De vurige’ volgens Van Griethuijsen in zijn commentaar bij Num. 24:7.
  2. Aldus het Hebreeuws-Nederlands Lexicon, onderdeel van de Online Bible, een uitgave van Importantia.