Brief aan de Efeziërs/Hoofdstuk 5

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Hoofdstuk 5 van het Bijbelboek Brief aan de Efeziërs wordt hieronder samengevat en/of een of meer passages worden becommentarieerd.

Ef. 5:1

Efe 5:1  Weest dan navolgers van God, als geliefde kinderen, (Telos)

In de dingen die zojuist genoemd zijn: goedertierenheid, welgezindheid, vergeven.

Efe 4:32  Maar weest jegens elkaar goedertieren, welgezind, elkaar vergevend, zoals ook God in Christus u vergeven heeft. (Telos)

Geliefde kinderen. Wij zijn door God geliefden.

Col 3:12 Doet dan aan als uitverkorenen van God, heiligen en geliefden: innige ontferming, goedertierenheid, nederigheid, zachtmoedigheid, lankmoedigheid, (Telos)

Ef. 5:2

Efe 5:2  en wandelt in liefde, zoals ook Christus ons heeft liefgehad en Zichzelf voor ons heeft overgegeven als een offerande en een slachtoffer voor God tot een welriekende reuk. (Telos)

Wandelt in liefde. Als wij in de liefde geworteld en gegrond zijn, kunnen we wandelen in liefde. Als we ons door God geliefd weten en door zijn Geest innerlijk gesterkt zijn, kunnen wij in naastenliefde onze weg gaan.

Efe 3:16  opdat Hij naar de rijkdom van zijn heerlijkheid u geeft door zijn Geest met kracht gesterkt te worden naar de innerlijke mens, Efe 3:17  zodat Christus door het geloof in uw harten woont, terwijl u in de liefde geworteld en gegrond bent;  Efe 3:18  opdat u ten volle in staat bent te begrijpen met alle heiligen, wat de breedte, lengte, hoogte en diepte is, Efe 3:19  en te kennen de liefde van Christus, die de kennis te boven gaat, opdat u vervuld wordt tot de hele volheid van God. (Telos)

Als een offerande en een slachtoffer. Zie offerande voor de betekenis van dit woord. Een slachtoffer is een bloedig offer.

Tot een welriekende reuk. Van het brandoffer staat geschreven:

Le 1:13 Doch het ingewand en de schenkelen zal men met water wassen; en de priester zal dat alles offeren en aansteken op het altaar; het is een brandoffer, een vuuroffer, tot een liefelijken reuk den HEERE. (SV)

Zie ook Reuk.

Ef. 5:3

Efe 5:3 Maar laat hoererij en alle onreinheid of hebzucht onder u zelfs niet genoemd worden, zoals het heiligen past, (Telos)

Hoererij ... onreinheid of hebzucht. Zie vers. 5.

Onder u zelfs niet genoemd worden. Vergelijk:

Efe 5:12  Want wat in het geheim door hen gedaan wordt, is zelfs schandelijk om te zeggen. (Telos)

Ef. 5:4

Efe 5:4  alsook oneerbaarheid, en zotte praat of lichtzinnige taal, die niet gepast zijn, maar veeleer dankzegging. (Telos)

Veeleer dankzegging. Vergelijk:

Efe 5:20  en dankt te allen tijde voor alles de God en Vader in de naam van onze Heer Jezus Christus, (Telos)

Ef.5:5

Efe 5:5  Want dit weet en erkent u, dat geen hoereerder, onreine of hebzuchtige, dat is een afgodendienaar, erfdeel heeft in het koninkrijk van Christus en van God. (Telos)

Het koninkrijk van Christus en van God. Het koninkrijk van God is het koninkrijk van Christus, die het beeld is van de onzienlijke God.

Ef. 5:6

Efe 5:6  Laat niemand u bedriegen met zinloze woorden; want om deze dingen komt de toorn van God over de zonen van de ongehoorzaamheid. (Telos)

Laat niemand u bedriegen met zinloze woorden. De vrucht van het licht is, onder andere, waarheid (vers 9)

Ef. 5:7

Efe 5:7  Weest dus hun mededeelgenoten niet; (Telos)

Vergelijk:

Efe 5:11  En hebt geen gemeenschap met de onvruchtbare werken van de duisternis, maar stelt ze veeleer aan de kaak. (Telos)

Ef. 5:8

Efe 5:8  want vroeger was u duisternis, maar nu bent u licht in de Heer; wandelt als kinderen van het licht (Telos)

Vroeger was u duisternis.

Nu bent u licht in de Heer. De Heer is het waarachtige Licht. Hij licht over ons (vers 14). De maan is een licht dankzij de zon.

Ef. 5:9

Efe 5:9  (want de vrucht van het licht bestaat in alle goedheid en gerechtigheid en waarheid), (Telos)

De werking van de duisternis is, onder andere, bedrog met zinloze woorden (vers 6).

Ef. 5:10

Efe 5:10  terwijl u beproeft wat de Heer welbehaaglijk is. (Telos)

Vergelijk:

Efe 5:17  Weest daarom niet onverstandig, maar verstaat wat de wil van de Heer is. (Telos)

Ef. 5:11

Efe 5:11  En hebt geen gemeenschap met de onvruchtbare werken van de duisternis, maar stelt ze veeleer aan de kaak. (Telos)

Hebt geen gemeenschap met de onvruchtbare werken van de duisternis. Vergelijk:

Efe 5:7  Weest dus hun mededeelgenoten niet; (Telos)

Ef. 5:13

Efe 5:13  Alle dingen echter, als zij door het licht aan de kaak gesteld zijn, worden openbaar; want het is het licht dat alles openbaar maakt. (Telos)

Denk aan wat er gebeurde met Ananias en Saffira (Hand. 5). Vergelijk:

1Co 14:24  Maar als allen profeteren en er komt een ongelovige of een onkundige binnen, dan wordt hij door allen overtuigd, door allen beoordeeld; 1Co 14:25  het verborgene van zijn hart wordt openbaar, en dus zal hij op zijn aangezicht neervallen en God aanbidden en verkondigen dat God werkelijk onder u is. (Telos)

Ef. 5:14

Efe 5:14  Daarom zegt Hij: Ontwaak, u die slaapt, en sta op uit de doden, en Christus zal over u lichten. (Telos)

Christus zal over u lichten. Zoals de zon, het 'grote licht', de maan verlicht en tot een licht stelt, tot het 'kleine licht' (Gen. 1).

Efe 5:8  want vroeger was u duisternis, maar nu bent u licht in de Heer; wandelt als kinderen van het licht (Telos)

Ef. 5:17

Efe 5:17  Weest daarom niet onverstandig, maar verstaat wat de wil van de Heer is. (Telos)

Vergelijk:

Efe 5:10  terwijl u beproeft wat de Heer welbehaaglijk is. (Telos)

Ef. 5:18

Efe 5:18  En wordt niet dronken van wijn, waarin losbandigheid is, maar wordt vervuld met de Geest, (Telos)

De wijn, onmatig gedronken, beïnvloedt onze gemoedsstemming, onze spraak en ons gedrag. We kunnen ons losbandig gaan gedragen. Beter kunnen we onder invloed van de Geest, die in ons woont, staan.

Wordt vervuld met de Geest. Voorbeelden van zulk een vervulling vinden we bij de zwangere Elizabeth, toen ze Maria ontmoette, en bij haar man Zacharias, toen zijn zoon Johannes geboren was en zijn spraakvermogen was hersteld.

Ef. 5:19

Efe 5:19  en spreekt tot elkaar in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen, zingend en jubelend in uw hart tot de Heer, (Telos)

Zulke spraak staat tegenover 'zotte of lichtzinnige taal' (vers 4).

Ef. 5:10

Efe 5:20  en dankt te allen tijde voor alles de God en Vader in de naam van onze Heer Jezus Christus, (Telos)

Dankt. Vergelijk:

Efe 5:4  alsook oneerbaarheid, en zotte praat of lichtzinnige taal, die niet gepast zijn, maar veeleer dankzegging. (Telos)

Ef. 5:28

Efe 5:28  Zo behoren ook de mannen hun eigen vrouwen lief te hebben als hun eigen lichamen. Wie zijn eigen vrouw liefheeft, heeft zichzelf lief. (Telos)

Een man is in het huwelijk één vlees, één lichaam met zijn vrouw (vgl. vers 31).

Ef. 5:29

Efe 5:29  Want niemand heeft ooit zijn eigen vlees gehaat, maar hij voedt en koestert het, evenals ook Christus de gemeente. (Telos)

Niemand heeft ooit zijn eigen vlees gehaat. Zelfs zij, die zichzelf snijden (zelfverminking, automutilatie), haten hun vlees niet, zij oordelen en straffen hun ziel door hun vlees te snijden. En wie zijn figuur haat om de misvorming of het overgewicht, haat niet zijn vlees maar de vorm of het aanzien ervan.

Evenals ook Christus de gemeente. Want met haar vormt hij één lichaam.

Ef. 5:30

Efe 5:30  Want wij zijn leden van zijn lichaam, van zijn vlees en van zijn gebeente. (Telos)

Ge 2:23  Toen zei Adam: Deze is ditmaal been van mijn beenderen, en vlees van mijn vlees! Deze zal mannin genoemd worden, want uit de man is zij genomen. (HSV)

Eva (Mannin) was geformeerd uit de man Adam en van dezelfde samenstelling. Zij was uit hem en één met hem. Zo is ook de gemeente uit Christus, de laatste Adam, voortgekomen en één lichaam met Hem.

Ef. 5:32

Efe 5:32  Deze verborgenheid is groot, maar ik doel op Christus en op de gemeente. (Telos)

De verhouding van Christus en de gemeente wordt bij het eerste mensenpaar voorafgebeeld.

Ef. 5:33

Efe 5:33  In elk geval, ook u, laat ieder van u zijn eigen vrouw zo liefhebben als zichzelf; en de vrouw moet ontzag hebben voor haar man. (Telos)

Liefhebben als zichzelf. Als zijn eigen lichaam.

De vrouw moet ontzag hebben voor haar man. Die haar hoofd en het beeld van Christus is (verzen 22-23).