Eerste brief van Johannes

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De eerste brief van Johannes, ook genoemd 1 Johannes, is de eerste brief van drie brieven van de apostel Johannes in het Nieuwe Testament.

Voor de tweede en derde brieven, zie Tweede brief van Johannes en Derde brief van Johannes.

Schrijver

De brief bevat geen enkele duidelijke aanwijzing dat de schrijver de apostel Johannes was, maar de grote overeenkomst in stijl, taalgebruik en thematiek, maken het zeer aannemelijk dat de schrijver van deze brief dezelfde is als de schrijver van het evangelie van Johannes. Ook het feit dat hij ooggetuige was van het optreden van Jezus Christus wijst in die richting. Het auteurschap van de apostel Johannes wordt overigens ook bevestigd in de oudchristelijke traditie.

De brief is waarschijnlijk geschreven in Efeze, waar Johannes lange tijd de gemeente leidde.

Adressanten

Hoewel de brief geen adressanten aanwijst, was hij geschreven aan christenen die de schrijver persoonlijk kende getuige de aanspreektitel "mijn kinderen" (2:1), dus hoogst waarschijnlijk aan de gemeenten van Klein-Azië, waar Johannes nauw bij betrokken was. Was deze brief bestemd voor een groep christengemeenten, de tweede en derde brief zijn meer persoonlijk gerichte brieven.

Datering

De brief werd blijkbaar geschreven door Johannes op hoge leeftijd, misschien rondom het jaar 90 na Christus.

Boodschap

1 Johannes bevat een krachtige waarschuwing tegen het loslaten van de belijdenis dat Jezus God is die mens werd. Allerlei dwalingen bedreigden de gemeente van binnen uit door valse leraren, vooral vanuit de gnostiek, die de godheid van Christus aanvaardden maar zijn mens zijn verwierpen.

Naast leerstellige zaken legt de apostel sterke nadruk  op het wandelen in het licht en in de liefde, wat een bewijs is van waarachtige wedergeboorte. Johannes roept dringend op tot levensheiliging. Zonde hoort niet bij iemand die uit God geboren is, aan de andere kant moet niemand beweren dat hij zonder zonde is. Heb je toch gezondigd, bij God is vergeving indien je tot Hem komt met belijdenis van schuld.

Tenslotte waarschuwt Johannes voor de verleiding van de wereld.

Overzicht

1:1-4 Het woord van het leven.
1:5-2:2 Wandelen in het licht en zondigen.
2:3-6 Hem kennen en Zijn geboden bewaren.
2:7-11 Het gebod der liefde.
2:12-17 Aan de vaders, jongelingen en kinderen.
2:18-27 Waarschuwing tegen antichristen.
2:28 Waarin de kinderen van God en de kinderen van de duivel openbaar zijn.
3:13-24 Laat ons met de daad en in waarheid liefhebben.
4:1-6 Beproeft de geesten of zij uit God zijn.
4:7-5:3 Hebt lief, want God is liefde.
5:4-5 Door het geloof in Jezus overwinnen wij de wereld.
5:6-10 De getuigenissen waarop ons geloof is gegrond.
5:11-13 Wie de Zoon heeft, heeft het eeuwig leven.
5:14-16 Verhoring van het gebed. Bidden voor een zondigende broeder.
5:17 Wie uit God is bewaart zichzelf ten opzichte van de zonde.
5:20-21 Wij zijn in de waarachtige God. Wacht u voor de afgoden.

Indeling

1 Johannes gaat over kennis en gemeenschap en valt uiteen in 4 hoofdonderdelen:

  • 1 Joh. 1. De vreugde van een leven in gemeenschap met God de Vader, met Jezus Christus en met elkaar als gelovigen. Voorwaarden tot ware gemeenschap zijn:
    • wandel in het licht,
    • schuldbelijdenis,
    • vergeving van zonden en
    • reiniging van zonden.
  • 1 Joh. 2:1-17. Leven in gemeenschap met God en met elkaar is een overwinningsleven, door de voorspraak van Jezus en door onze toewijding aan God, gehoorzaamheid, verzaking van de wereld en liefde tot de broeders.
  • 1 Joh. 2:18-4:6. Leven in gemeenschap is een leven in Gods bescherming, ondanks ketterijen en haat van de wereld. Het vraagt wel waakzaamheid en een leven dicht bij God.
  • 1 Joh. 4:7-5:21. Leven in gemeenschap is een leven van kennen, kennen van God en kennen van het woord van de waarheid.