Evangelie naar Johannes/Commentaar/Hoofdstuk 3

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Hoofdstuk 3 van het Bijbelboek Evangelie naar Johannes wordt hieronder samengevat en/of een of meer passages worden becommentarieerd.

Inhoud

De noodzakelijkheid van de wedergeboorte en het verhoogd worden van de Heer, met de slang in de woestijn als voorbeeld. Het getuigenis van Johannes de doper aangaande de Zoon van God.

  • 3:1-22   Gesprek met Nicodemus, 'de leraar van Israël': over de wedergeboorte en behoudenis door geloof in de Zoon van God.
  • 3:23-26 Jezus en Johannes dopen. Vraag over Jezus' dopen. 
  • 3:27-36 Getuigenis van Johannes de doper aangaande Jezus, de Bruidegom, hem die van Boven is, de Zoon van God.

De mens, zoals hij van nature is, zelfs al is hij voornaam en bevoorrecht als Nicodemus, moet door het werking van de Geest en het Woord van God opnieuw, nu geestelijk, geboren worden, teneinde het Koninkrijk van God te kunnen zien en binnengaan. Hij moet geboren worden uit water en Geest. Wat uit de Geest geboren is, is geest, in tegenstelling tot vlees, en het water betekent ongetwijfeld het woord van God in zijn zedelijke werking, vgl. Joh 15: 3; 1 Petrus 1:23. Dit had 'de leraar van Israël' moeten weten uit de profetische aankondiging in Eze 36:25 enz. aangaande de aardse zegen. Maar de Heer gaat spreken van hemelse dingen. De mens, die een zondaar is, kan door het geloof in de Zoon van God - in diens verhoging aan het kruis het tegenbeeld van de koperen slang - behouden worden en eeuwig leven ontvangen. Hier vernemen wij voor het eerst het getuigenis van de liefde van God tot de wereld, en Zijn doel met de mens in het geven van Zijn enige Zoon, namelijk dat wie in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. De liefde van God is niet beperkt tot de Joden ("de wereld... ieder die in Hem gelooft", Joh. 3:16).

Johannes de Doper legt een volgend en ontroerend getuigenis af aangaande Jezus. Johannes' blijdschap wordt vervuld door het horen van de stem van de Bruidegom, hoewel hijzelf ten opzichte van de Heiland minder moet worden. De laatste twee verzen zijn ongetwijfeld[1] de woorden van de evangelist. Jezus wordt als de Zoon voorgesteld. Geloof in Hem is eeuwig leven, ongehoorzaamheid aan Hem houdt de mens onder Gods toorn.

Voetnoot

  1. Aldus A New and Concise Bible Dictionary (George Morris, 1899) s.v. 'John, the Gospel by'.