Genadegave

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Een genadegave is een gave, geschenk of begaafdheid die God uit genade geeft aan gelovigen. Een gelovige heeft zijn genadegave als een goede rentmeester in te zetten.

Woord. Het Griekse woord is "charisma". Het Griekse "Charis" betekent "genade".

Synoniemen zijn gave, genadegift.

Genade en gave. "Genadegave" is een samengesteld begrip. Dat de gave in of uit genade gegeven wordt, blijkt uit het grondwoord "charis" (= "genade") in "charisma", en ook uit de volgende:

Ro 12:6 Daar wij nu verschillende genadegaven hebben, naar de genade die ons gegeven is, (TELOS)

1Pe 4:10 Naarmate ieder een genadegave heeft ontvangen, dient elkaar daarmee als goede rentmeesters van de veelvoudige genade van God. (TELOS)

Ro 5:15  Maar de genadegave is niet zoals de overtreding. Want als door de overtreding van de ene de velen gestorven zijn, veel meer is de genade van God en de gave in genade die door de ene mens Jezus Christus is, overvloedig geweest over de velen. Ro 5:16  En de gave is niet zoals het zondigen van de ene. Want het oordeel was uit een daad tot veroordeling, maar de genadegave is uit vele overtredingen tot rechtvaardiging. (TELOS)

De genade van God is Zijn goedgunstigheid die behoudenis aan zondaars, die het niet verdienen, aanbiedt. De gave in genade is de behoudenis, de rechtvaardiging en het eeuwige leven. De gave is geen loon, wordt niet verdiend, is geen verdienste.

Ro 6:23  Want het loon van de zonde is de dood; maar de genadegave van God is het eeuwige leven in Christus Jezus onze Heer. (TELOS)

Geestesgave. Een geestesgave of geestesuiting is een genadegave die direct door de Heilige Geest wordt gewerkt.

1Co 12:4 Nu is er verscheidenheid van genadegaven, maar het is dezelfde Geest; (TELOS)

Voorbeelden zijn geloof, genadegaven van genezing, allerlei talen, uitlegging van een taal.

1Co 12:9 aan een ander geloof door dezelfde Geest; en aan een volgende genadegaven van genezing door de ene Geest; (TELOS)

1Co 12:28 En God heeft sommigen in de gemeente gesteld: ten eerste apostelen, ten tweede profeten, ten derde leraars, vervolgens krachten, vervolgens genadegaven van genezingen, hulpbetoningen, besturingen, allerlei talen. (TELOS)

1Co 12:30 Hebben allen soms genadegaven van genezingen? Spreken allen soms in talen? Zijn allen soms uitleggers? (TELOS)

Oude Testament. De genadegaven van God zijn niet enkel in de tijd van Nieuwe Testament en daarna. Ook daarvóór schonk hij gaven uit genade. Israël verkoos hij uit de volken, gaf het Zijn woord en wet, deed er grote beloften aan. Van deze aan Israël geschonken gaven heeft God geen spijt.

Ro 11:28 Wat het evangelie betreft, zijn zij wel vijanden ter wille van u, maar wat de verkiezing betreft, geliefden ter wille van de vaderen. Ro 11:29 Want de genadegaven en de roeping van God zijn onberouwelijk. Ro 11:30 Want evenals u voorheen niet in God geloofd hebt, maar nu barmhartigheid hebt verkregen door het ongeloof van dezen, Ro 11:31 zo hebben nu ook dezen niet geloofd dat u barmhartigheid verkregen hebt, opdat ook zij nu barmhartigheid verkrijgen. Ro 11:32 Want God heeft allen onder het ongeloof besloten, opdat Hij aan allen barmhartigheid zou bewijzen. (TELOS)

Iedere gelovige heeft een genadegave ontvangen.

1Pe 4:10  Naarmate ieder een genadegave heeft ontvangen, dient elkaar daarmee als goede rentmeesters van de veelvoudige genade van God.

Handoplegging; profetie. Sommige genadegaven zijn gegeven door oplegging van handen. Ze kunnen zelfs geprofeteerd zijn, d.w.z. bekendgemaakt door een boodschap van God.

1Ti 4:14  Verwaarloos niet de genadegave in je, die je gegeven is door profetie met oplegging van de handen van de gezamenlijke oudsten. (TELOS)

2Ti 1:6  Om die reden herinner ik je eraan de genadegave van God aan te wakkeren, die in je is door de oplegging van mijn handen. (TELOS)

De Heer maakte bekend dat Paulus hem een uitverkoren vat zou zijn om de naam van Jezus uit te dragen. De Heer zou hem gaven geven om zijn werk te doen.

Hnd 9:15 De Heer zei echter tot hem: Ga, want deze is Mij een uitverkoren vat om mijn naam te dragen zowel voor volken als koningen en zonen van Israel; (TELOS)

Ermee dienen. Een genadegave is gegeven om anderen te dienen.

1Pe 4:10 Naarmate ieder een genadegave heeft ontvangen, dient elkaar daarmee als goede rentmeesters van de veelvoudige genade van God. (TELOS)

De apostel Paulus gebruikte zijn genadegaven om anderen te dienen.

Ro 1:11  Want ik verlang zeer u te zien, om u enige geestelijke genadegave mee te delen tot uw versterking; (TELOS)

Rijk begaafd. De heiligen in Korinthe ontbrak het aan geen genadegave. Ze hadden, hoewel nog vleselijk, veel en verschillende gaven ontvangen.

1Co 1:7  zodat het u aan geen genadegave ontbreekt, terwijl u de openbaring van onze Heer Jezus Christus verwacht, (TELOS)

Nut en waarde van een genadegave. Elke genadegave heeft nut, maar de een is nuttiger dan de andere en daarom inzoverre groter dan de andere.

1Co 12:31 Streeft echter naar de grootste genadegaven. En ik wijs u een nog uitnemender weg. (TELOS)

Nastrevenswaardig. De meest nuttige genadegaven zijn daarom waard om nagestreefd te worden.

1Co 12:31 Streeft echter naar de grootste genadegaven. En ik wijs u een nog uitnemender weg. (TELOS)

Bijzondere genadegaven. Het kan een discipel van Jezus ook gegeven zijn ongehuwd te blijven en zichzelf seksueel te onthouden van hoererij. Ook dat is een genadegave. Paulus had deze.

1Co 7:7  ik zou echter willen dat alle mensen waren zoals ook ikzelf; maar ieder heeft zijn eigen genadegave van God, die een deze, de ander die. (TELOS)

Een genadegave is het ook als God iemand - eventueel op het gebed van anderen - uit doodsgevaar verlost. Paulus beschouwde zijn verlossing als een genadegave hem van Godswege door vele voorbidders geschonken.

2Co 1:11 terwijl ook u voor ons meewerkt door het gebed, opdat voor de genadegave die ons door vele personen geschonken is, door velen dankzegging voor ons gedaan wordt. (TELOS)

Tijdelijk of blijvend. Hieruit blijkt dat een genadegave een tijdelijk karakter kan hebben. Anderszijds zijn er genadegaven met een blijvend karakter. Paulus had de gave om zijn leven lang ongehuwd te blijven (1 Cor 7:7). Timotheüs had een gave die hij had te onderhouden, te ontwikkelen.

1Ti 4:14  Verwaarloos niet de genadegave in je, die je gegeven is door profetie met oplegging van de handen van de gezamenlijke oudsten. (TELOS)

2Ti 1:6  Om die reden herinner ik je eraan de genadegave van God aan te wakkeren, die in je is door de oplegging van mijn handen. (TELOS)

Ro 1:11  Want ik verlang zeer u te zien, om u enige geestelijke genadegave mee te delen tot uw versterking; (TELOS)