Hagarenen

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Hagarenen, ook genoemd Hagrieten, Hagarieten of zonen van Hagar, waren een Arabisch volk waarmee de stammen van Ruben ten tijde van koning Saul in oorlog waren. Ze woonden ten oosten van Israël.

Het woord is mogelijk afgeleid van "Hagar", de Egyptische slavin van Sara, die Abrahams bijvrouw en de moeder van Ismaël werd. In dat geval is 'Hagarenen' een andere benaming van Ismaëlieten of vormden de Ismaëlieten een deel van de Hagarenen. Echter, het verband tussen Hagar en de Hagarenen moet nog worden vastgesteld[1].

De Hagarenen waren een Arabische stam of verband van stammen. Zij waren een zeer rijk, machtig nomadenvolk. Ze woonden in elk geval in het Overjordaanse, evenals de Moabieten en de Ismaëlieten en deels de Edomieten. Ten tijde van Saul werden zij door de Rubenieten, daarna, hoewel door bondgenoten versterkt, door de Gadieten overwonnen, omdat het Gods bedoeling was, de grenzen van Israel tot aan den Eufraat uit te breiden (1 Kron. 5).

1Kr 5:10 En in de dagen van Saul voerden zij krijg tegen de Hagarenen, die vielen door hun hand; en zij woonden in hun tenten tegen de gehele oostzijde van Gilead. (SV)

Onder David was de Hagariet Jaziz de opzichter over het kleinvee.

1Kr 27:31 Over het kleinvee ging de Hagariet Jaziz. Dezen waren allen opzichters over de bezittingen die koning David had. (HSV)

Als zij nakomelingen van Hagar zijn, behoren de Hagarenen tot de grote familie der Israëlieten, waarvan zij echter in Ps. 83 : 7 worden onderscheiden. In deze Psalm behoren zij tot de vijanden die Israël willen uitroeien.

Ps 83:4 (83-5) Zij hebben gezegd: Komt, en laat ons hen uitroeien, dat zij geen volk meer zijn; dat aan den naam Israëls niet meer gedacht worde. Ps 83:5 (83-6) Want zij hebben in het hart te zamen beraadslaagd; tegen U hebben zij een verbond gemaakt; Ps 83:6 (83-7) De tenten van Edom en der Ismaëlieten, Moab en de Hagarenen; Ps 83:7 (83-8) Gebal, en Ammon, en Amalek, Palestina met de inwoners van Tyrus. Ps 83:8 (83-9) Ook heeft zich Assur bij hen gevoegd; zij zijn den kinderen van Lot tot een arm geweest. Sela. (SV)

Bronnen

Hebreeuws-Nederlands Lexicon, onderdeel van de Online Bible, een uitgave van Importantia.

H. Zeller, Bijbelsch Woordenboek voor het Christelijke volk. Eerste deel A - J. ('s Gravenhage: M.J. Visser, 1867) s.v. Hagarenen. Hieruit is op 26 dec. 2016 tekst genomen en verwerkt.

Voetnoot

  1. "The extent to which the Hagrites were related to Hagar the mother of Ishmael (Gen. 16) has yet to be determined." meldt Geoffrey W. Bromiley, The International Standard Bible Encyclopedia, Revised. Wm. B. Eerdmans, 1988, 2002.