Hebreeënbrief/Hoofdstuk 10

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Hoofdstuk 10 van het Bijbelboek Hebreeënbrief wordt hieronder samengevat en/of een of meer passages worden becommentarieerd.

Hebr. 10:1

Heb 10:1  Want daar de wet een schaduw heeft van de toekomstige goederen, niet het beeld van de dingen zelf, kan zij met dezelfde slachtoffers die men voortdurend elk jaar offert, hen die naderen nooit volmaken. (TELOS)

Schaduw.

Heb 8:5 Dezen dienen een zinnebeeld en schaduw van de hemelse dingen, zoals Mozes een Goddelijke aanwijzing ontving toen hij de tabernakel zou vervaardigen; want: ‘Zie erop toe’, zegt Hij, ‘dat u alles maakt naar het voorbeeld dat u op de berg getoond is’. (TELOS)

Toekomstige goederen. Zie Onderwerpen.

Hebr. 10:5

Heb 10:5 Daarom zegt Hij bij zijn komen in de wereld: ‘Slachtoffer en offerande hebt U niet gewild, maar U hebt Mij een lichaam toebereid; (Telos)

De Heer heeft zichzelf tot een slachtoffer gesteld.

Heb 9:26 anders had Hij van de grondlegging van de wereld af dikwijls moeten lijden. Maar nu is Hij eenmaal in de voleinding van de eeuwen geopenbaard om de zonde af te schaffen door het slachtoffer van Zichzelf.

Hebr. 10:6

Heb 10:6 in brandoffers en zondoffers hebt U geen behagen gehad. (Telos)

Brandoffers en zondoffers. Zie Brandoffer, Zondoffer.

Hebr. 10:19

Heb 10:19  Daar wij dus, broeders, vrijmoedigheid hebben om in te gaan in het heiligdom door het bloed van Jezus, (Telos)

Vrijmoedigheid.

Heb 10:35 Werpt dus uw vrijmoedigheid niet weg, die een grote beloning heeft. (Telos)

Hebr. 10:20

Heb 10:20 langs de nieuwe en levende weg die Hij ons heeft ingewijd door het voorhangsel heen, dat is zijn vlees, (Telos)

Toen Zijn lichamelijke dood intrad, scheurde het voorhangsel.

Hebr. 10:21

Heb 10:21 en wij een grote priester over het huis van God hebben, (Telos)

Grote priester. ‘Hogepriester’ in het Hebreeuws is letterlijk ‘grote priester’.

Hebr 10:22

Heb 10:22 laten wij naderen met een waarachtig hart, in volle zekerheid van het geloof, de harten door besprenkeling gezuiverd van het kwaad geweten en het lichaam gewassen met rein water. (Telos)

Naderen met een waarachtig hart. Want de Vader zoekt dezulken die hem aanbidden in geest en in waarheid.

Door besprenkeling gezuiverd. Door besprenkeling met bloed. Het lichaam gewassen met water.

Heb 9:19  Want toen door Mozes naar de wet elk gebod tot het hele volk gesproken was, nam hij het bloed van de kalveren en de bokken met water en scharlaken wol en hysop en besprenkelde zowel het boek zelf als het hele volk, (Telos)

Jezus is gekomen door water en bloed.

Joh 19:34  Maar een van de soldaten doorstak zijn zijde met een speer en terstond kwam er bloed en water uit. (Telos)

1Jo 5:6  Deze is het die gekomen is door water en bloed, Jezus Christus; niet door het water alleen, maar door het water en door het bloed. En de Geest is het die getuigt, omdat de Geest de waarheid is. (…) 1Jo 5:8  de Geest en het water en het bloed, en deze drie zijn eenstemmig. (Telos)

Hebr. 10:23

Heb 10:23  Laten wij de belijdenis van de hoop onwankelbaar vasthouden (want Hij die beloofd heeft, is getrouw), (Telos)

Vergelijk:

Heb 10:34  Want u hebt ook mee geleden met de gevangenen en de roof van uw bezittingen met blijdschap aanvaard, daar u wist dat uzelf een beter en blijvend bezit hebt.  Heb 10:35  Werpt dus uw vrijmoedigheid niet weg, die een grote beloning heeft.  Heb 10:36  Want u hebt volharding nodig, opdat u na de wil van God gedaan te hebben de belofte ontvangt. (Telos)

Hebr. 10:26

Heb 10:26 Want als wij moedwillig zondigen nadat wij de kennis van de waarheid ontvangen hebben, blijft er geen slachtoffer voor de zonden meer over, (Telos)

Kennis. Het gebruikte Griekse woord is epignosis. Vergelijk:

2Pe 2:20 Want als zij door de kennis (Gr. epignosis) van onze Heer en Heiland Jezus Christus de bevlekkingen van de wereld ontvlucht maar opnieuw daarin verstrikt zijn en erdoor overmeesterd worden, dan is voor hen het laatste erger geworden dan het eerste. (Telos)

Hebr. 10:27

Heb 10:27  maar een vreselijke verwachting van oordeel en een felheid van vuur dat de tegenstanders zal verslinden. (Telos)

Dat is verderf, verloren gaan. Vergelijk vers 39:

Heb 10:38  Maar mijn rechtvaardige zal op grond van geloof leven; en als iemand zich onttrekt, heeft mijn ziel in hem geen behagen’. Heb 10:39  Wij echter behoren niet tot hen die zich onttrekken tot verderf, maar tot hen die geloven tot behoud van de ziel. (Telos)

Vreselijke verwachting van oordeel.

Heb 10:31  Vreselijk is het te vallen in de handen van de levende God!

Een felheid van vuur dat de tegenstanders zal verslinden. God is een verterend vuur. De hel is een plaats van vuur. Vs. 39 spreekt van een zich onttrekken tot verderf.

Heb 10:39 Wij echter behoren niet tot hen die zich onttrekken tot verderf, maar tot hen die geloven tot behoud van de ziel.

Hebr. 10:28

Heb 10:28  Iemand die de wet van Mozes verworpen heeft, sterft zonder ontferming op het woord van twee of drie getuigen: (Telos)

Heb 10:30 ... ‘De Heer zal zijn volk oordelen’. (Telos)

Hebr. 10:32

Heb 10:32 Maar herinnert u de dagen van vroeger, toen u na verlicht te zijn veel strijd in het lijden verdragen hebt, (Telos)

Strijd. Strijd = innerlijke strijd, worsteling, zich inhouden, afzien van wraak, terwijl men lankmoedigheid betracht jegens de tegenstanders.

Hebr. 10:35

Heb 10:35 Werpt dus uw vrijmoedigheid niet weg, die een grote beloning heeft. (Telos)

Vrijmoedigheid. Om te getuigen en het geloof te belijden. “Laten wij de belijdenis van de hoop onwankelbaar vasthouden” (vers 23).

Heb 10:19  Daar wij dus, broeders, vrijmoedigheid hebben om in te gaan in het heiligdom door het bloed van Jezus, (Telos)

Hebr. 10:37

Heb 10:37  Want nog een zeer korte tijd en ‘Hij die komt, zal komen en niet uitblijven. (Telos)

Niet uitblijven.

Mt 24:49  Mijn heer blijft uit, en zijn medeslaven begint te slaan en eet en drinkt met de dronkaards, (Telos)

Hab 2:3  Voorzeker, het visioen wacht nog op de vastgestelde tijd, aan het einde zal Hij het werkelijkheid maken. Hij liegt niet. Als Hij uitblijft, verwacht Hem, want Hij komt zeker, Hij zal niet wegblijven. (HSV)

Hebr. 10:38

Heb 10:38  Maar <mijn> rechtvaardige zal op grond van geloof leven; en als iemand zich onttrekt, heeft mijn ziel in hem geen behagen’. (Telos)

<Mijn> rechtvaardige zal op grond van geloof leven. Hij gelooft tot behoud van zijn ziel, zie volgende vers.

Hab 2:4  Zie, zijn ziel is hoogmoedig, niet oprecht in hem, maar de rechtvaardige zal door zijn geloof leven. (HSV)

Hebr. 10:39

Heb 10:39  Wij echter behoren niet tot hen die zich onttrekken tot verderf, maar tot hen die geloven tot behoud van de ziel. (Telos)

Tot verderf. Zij die zich onttrekken, die, ofschoon geheiligd door het bloed van het nieuwe verbond, moedwillig zondigen (vers 26v), zullen verloren gaan. Vergelijk vers 27:

Heb 10:27  maar een vreselijke verwachting van oordeel en een felheid van vuur dat de tegenstanders zal verslinden. (Telos)

De tegenstelling is: "tot behoud van de ziel".