Heerlijkheid

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Volgens het woordenboek van Koenen heeft heerlijkheid vier betekenissen:

  1. bezit van een heer. Bij voorbeeld een heerlijkheid betekent: adellijk goed, adellijke bezitting.
  2. pracht: Gods heerlijkheid
  3. gelukzaligheid: de hemelse heerlijkheid;
  4. iets heerlijks: smullen van al de heerlijkheden

Heerlijk betekent, volgens het woordenboek van Koenen:

  1. van de heer: heerlijke rechten
  2. prachtig, luisterrijk: een heerlijk feest;
  3. verrukkelijk, schoon: een heerlijke wijn, kostelijk. Dat smaakt heerlijk.

De duivel toonde aan de Heer Jezus alle koninkrijken van de wereld en hun heerlijkheid: hun pracht en luister.

Mt 4:8 Opnieuw nam de duivel Hem mee naar een zeer hoge berg en toonde Hem alle koninkrijken van de wereld en hun heerlijkheid Mt 4:9 en zei tot Hem: Al deze dingen zal ik U geven, als U neervalt en mij aanbidt. (TELOS)

Jes 60:13 De heerlijkheid van Libanon zal tot u komen, de denneboom, de beuke [boom] en de busboom te gelijk, om te versieren de plaats Mijns heiligdoms, en Ik zal de plaats Mijner voeten heerlijk maken. (SV)

De heerlijkheid van Jezus Christus

Petrus getuigt van de heerlijkheid die de Heer Jezus omgaf toen zij “op de heilige berg waren”:

2Pe 1:16  Want niet als navolgers van vernuftig verzonnen fabels hebben wij u de kracht en komst van onze Heer Jezus Christus bekend gemaakt, maar als ooggetuigen van zijn majesteit. 2Pe 1:17 Want Hij ontving van God de Vader eer en heerlijkheid, toen van de luisterrijke heerlijkheid zo’n stem tot Hem kwam: ‘Deze is mijn geliefde Zoon, in Wie Ik welbehagen heb gevonden’. 2Pe 1:18 En wij hoorden deze stem uit de hemel komen, toen wij met Hem op de heilige berg waren. (TELOS)