Keuze van een lied voor gemeentezang

Uit Christipedia
Ga naar: navigatie, zoeken

De keuze van een lied voor gemeentezang moet met zorg gebeuren.

Liederen drukken bepaalde gedachten, gevoelens of verlangens uit. In een lied belijdt de tekstschrijver wat hij gelooft. Ze hebben soms een onderwijzende en daarmee ook opvoedende functie. Een lied kan een onderwijzing bevatten.
Col 3:16 Laat het woord van Christus rijkelijk in u wonen, terwijl u in alle wijsheid elkaar leert en terechtwijst met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen en in de genade zingt in uw harten voor God.
Ps 47:7 (47–8) Want God is een Koning der ganse aarde; psalmzingt [met] een onderwijzing!
We moeten letten op wat we leren, wat we onderwijzen, ook door een lied.
1Ti 4:16 Geef acht op jezelf en op de leer; volhard in deze dingen...
Titus werd vermaand "een gezond, onaanvechtbaar woord" te spreken, "opdat de tegenstander ... niets kwaads van ons te zeggen heeft." (Tit 2.8) Zo mogen wij er ook naar streven onaanvechtbare liederen te kiezen voor samenzang door de gemeente van de Heer. Liederen zonder dubieuze, vreemde of onbijbelse gedachten.

Sommige liederen zijn makkelijk te leren, anderen vergen veel oefening. Ook hiermee moet men rekening houden.

Kwaliteitseisen aan een lied

Niet alle liederen zijn geschikt voor gemeentelijke samenzang. Welke kwaliteitseisen mogen wij aan een lied voor gemeentezang stellen?

1. Bijbels juist. Een eerste eis is dat de tekst van een lied inhoudelijk goed moet zijn, "onaanvechtbaar" (Tit. 2:8), in overeenstemming met de Bijbel, en geen vreemd idee bevatten. We moeten een lied onbekommerd kunnen zingen, zonder afgeleid of gestoord te worden door twijfelachtige gedachten die in de tekst uitgedrukt worden.

2. Makkelijk zingbaar. Een tweede eis is dat een lied makkelijk zingbaar moet zijn voor een groep. Het mag zangtechnisch niet moeilijk zijn. Veel liederen zijn in eerste instantie niet gecomponeerd voor samenzang, maar vormen de muzikale uitdrukking van persoonlijke inspiratie, gedachten, gemoedstoestand en zijn bestemd om door een bepaalde zanger of (geoefende) groep zangers gezongen te worden. Een lied kan goed gezongen worden door een enkele zanger of groepje zangers die het lied ingestudeerd hebben, maar ongeschikt blijken zijn voor samenzang, omdat het zangtechnisch voor leken te moeilijk is wanneer het niet regelmatig gezongen wordt.

3. Verstaanbaar. Een derde eis aan liederen voor gemeentezang is verstaanbare taal. De eis van verstaanbaarheid wordt gesteld aan een mondelinge inbreng in de samenkomst, in het bijzonder aan de inbreng van tongentaal.
1Co 14:27 Als iemand in een taal spreekt, dan door twee of ten hoogste drie, en ieder op zijn beurt, en laat een het uitleggen. 1Co 14:28 Maar als er geen uitlegger is, laat hij zwijgen in de gemeente en laat hij tot zichzelf spreken en tot God. (TELOS)
De eis van verstaanbaarheid vloeit voort uit de eis van opbouwing. Wat wel gehoord, maar niet verstaan wordt, bouwt niet op. Daarom wordt een Engelstalige gastspreker gewoonlijk vertaald. We willen hem begrijpen en soms geen woord missen.

De tekst van een lied voor gemeentezang moet voor iedere gelovige verstaanbaar zijn. Daarom is het af te raden anderstalige liederen te zingen, tenzij de vertaling erbij gegeven wordt. Menigeen zal onbekommerd Engelstalige liederen zingen, maar aan gemeentezang stellen we de hogere eis van verstaanbaarheid voor ieder. Want niet ieder verstaat (goed) Engels of Duits of ... Daarom is het nodig zich in Nederlandstalige christelijke samenkomsten te beperken tot Nederlandstalige liederen.

Het is goed geen Hebreeuws, Latijns, Engels, Frans of Duits lied voor gemeentezang te kiezen, tenzij de Nederlandse vertaling erbij staat en dan nog bij uitzondering (een enkel lied). Gregoriaanse (Latijnse) liederen zijn dus ook niet geschikt. Helaas hebben in het verleden vele gelovigen Latijnse gezangen moeten aanhoren zonder er iets van te begrijpen. Hebreeuwse uitdrukkingen die voor sommigen duidelijk zijn, maar voor anderen niet, maken een lied ongeschikt voor gemeentezang, tenzij de woorden worden verklaard (bijvoorbeeld in een voetnoot).

Wanneer in een lied een moeilijk woord voorkomt, kan dit in een voetnoot verklaard worden.

4. Nuchter, realistisch. Bijvoorbeeld lied 733 uit de bundel Opwekkingliederen bevat de woorden "En op die dag, als mijn kracht vermindert, mijn adem stokt en mijn einde komt, zal toch mijn ziel Uw loflied blijven zingen; tienduizend jaar en tot in eeuwigheid." Dat is een tegenstrijdigheid, want als de adem stokt, is er geen adem meer om te zingen. Boven is een dergelijke aankondiging of verwachting ten aanzien van de sterfdag niet realistisch. Wij kunnen onmogelijk vooruit weten hoe wij in ons stervensuur zullen zijn. Mogelijk zijn wij dement, in coma, te zwak om te zingen, enz.

Een kinderlied als "Blij, blij, mijn hart is altijd blij. Blij, blij, mijn hart is altijd blij. Want Jezus is een vriend van mij" is niet realistisch, omdat een kinderhart niet altijd blij is. Beter is de bestaande variant "Blij, blij, mijn hartje is zo blij. Blij, blij, mijn hartje is zo blij. Want Jezus is een vriend van mij".

Kwaliteitseisen aan een liedbundel

Naast kwaliteitseisen aan afzonderlijke liederen, kan men ook eisen stellen aan een verzameling liederen bestemd voor gemeentezang, dus aan de liedbundel. Te noemen zijn:

  1. Afgestemd op de samenstelling van de zingende gemeente. Als de gemeente jonge mensen heeft, zijn er dan liederen die zij fijn vinden om te zingen? Ook die liederen hebben te voldoen aan de kwaliteitseisen boven genoemd.
  2. Afgestemd op verschillende gemoedstoestanden. Is de bundel gevarieerd genoeg om uitdrukking te kunnen geven aan verschillende menselijke gemoedstoestanden? Zijn er bijvoorbeeld liederen die troost en hoop geven bij overlijden van een gemeentelid? Zijn er liederen die uitdrukking geven aan smart? De psalmen in het Oude Testament drukken allerlei gemoedstoestanden weer.