Lelie

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Witte lelie (Lilium candidum)

Lelie (Lilium) is een geslacht van kruidachtige planten, dat behoort tot de leliefamilie en meer dan honderd soorten telt. De lelie wordt in de Bijbel genoemd. De Heer Jezus nam de lelies als voorbeeld. Witte lelie. Onder de mooie bloemen in de dalen van het land Israël bekleedt wel de witte lelie een eerste plaats. De plant toont de schitterend, witte kleur der reinheid, met de eenvoudig verheven klokvormigen bouw van haar bloem en kroon, en met de heerlijke reuk, inzonderheid van haar goudgeel meelstof. Sommige leliesoorten geuren sterk. Door de Grieken wordt zij „de koninklijke lelie"genoemd. Zij munt uit door de genezende kracht van haar bladeren en bollen[1].

Witte lelie (Lilium candidum) op de berg Karmel in Israël.

Daarom is het waarschijnlijk, dat het deze prachtige bloem is, waarmee in het Hooglied de bekoorlijkheden van de bruidegom en de bruid worden vergeleken, en in Hos. 14:6 de toekomstige bloeiende toestand van Israël na zijn bekering[1].

In Hooglied zegt de bruid van haar geliefde:

Hoo 2:16  Mijn Liefste is mijn, en ik ben Zijn, Die weidt onder de leliën, (SV)

Hoo 5:13  Zijn wangen zijn als een bed van specerijen, als welriekende torentjes; Zijn lippen zijn als leliën, druppende van vloeiende mirre. (SV)

Hoo 6:2  Mijn Liefste is afgegaan in Zijn hof, tot de specerijbedden, om te weiden in de hoven, en om de leliën te verzamelen. (SV)

Hoo 6:3  Ik ben mijns Liefsten, en mijn Liefste is mijn, Die onder de leliën weidt. (SV)

De bruidegom zegt van zijn liefste:

Hoo 4:5  Uw twee borsten zijn gelijk twee welpen, tweelingen van een ree, die onder de leliën weiden. (SV)

Hoo 7:2  Uw navel is als een ronde beker, dien geen drank ontbreekt; uw buik is als een hoop tarwe, rondom bezet met leliën. (SV)

Witte lelie op Israëlische postzegel,

Veldbloemen. De Heer Jezus wees op het voorbeeld van de lelies.

Lu 12:27  Let op de lelies, hoe zij groeien; zij arbeiden niet en spinnen niet; en Ik zeg u: zelfs Salomo in al zijn heerlijkheid was niet bekleed als een van deze. (Telos)

Mt 6:28  En wat bent u bezorgd over kleding? Let op de lelies op het veld, hoe zij groeien;  Mt 6:29  zij arbeiden niet en spinnen niet; en Ik zeg u, dat zelfs Salomo in al zijn heerlijkheid niet was bekleed als een van deze.  Mt 6:30  Als nu God het gras op het veld, dat er vandaag is en morgen in een oven wordt geworpen, zo bekleedt, zal Hij niet veel meer u bekleden, kleingelovigen? (Telos)

Met 'lelies' bedoelt de Heer niet alleen de Witte Lelie (Lilium candidum), maar alle soorten veldbloemen die tussen het gras verschijnen, zoals de Perzische Boterbloem (Ranunculus asiaticus), Gekroonde Ganzebloem (Chrysanthemum coronarium L.), de Anemoon (Anemone coronaria) en de Grote Klaproos (Papaver rhoeas).[2]

Bron

H. Zeller, Bijbelsch Woordenboek voor het Christelijke volk. Tweede deel K - Z. ('s Gravenhage: M.J. Visser, 1872) s.v. Lelie. De tekst van dit lemma is op 13 juli 2019 onder wijziging verwerkt.

Voetnoot

  1. 1,0 1,1 H. Zeller, Bijbelsch Woordenboek voor het Christelijke volk. Tweede deel K - Z. ('s Gravenhage: M.J. Visser, 1872) s.v. Lelie.
  2. J.P. van de Giessen, Lelies uit de tuin, www.BijbelAantekeningen.nl, 18 juni 2010.