Marcusevangelie/Hoofdstuk 14

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Oude Testament: Ge, Ex, Le, De, Jo, Ri, Ru, 1Sa, 2Sa, 1Ko, 2Ko, 1Kr, 2Kr, Ezr, Ne, Es, Job, Ps, Sp, Pr, Hgl, Jes, Jer, Kla, Eze, Da, Hos, Joë, Am, Ob, Jon, Mi, Na, Hab, Se, Hag, Za, Ma.
Nieuwe Testament: Mt, Mr, Lu, Jh, Hn, Ro, 1Co, 2Co, Ga, Ef, Flp, Co, 1Th, 2Th, 1Ti, 2Ti, Tit, Flm, He, Ja, 1Pe, 2Pe, 1Jo, 2Jo, 3Jo, Ju, Op.

Marcusevangelie:


Hoofdstuk 14 van het Bijbelboek Marcusevangelie wordt hieronder samengevat en/of een of meer passages worden becommentarieerd.

Marc. 14:19

Mr 14:49  Dagelijks was Ik bij u in de tempel aan het leren, en u hebt Mij niet gegrepen: maar de Schriften moeten vervuld worden. (Telos)

U hebt Mij niet gegrepen. Dat schijnt in strijd met:

Mr 14:44  Nu had hij die Hem overleverde, met hen een teken afgesproken en gezegd: Die ik zal kussen, Die is het; grijpt Hem en leidt Hem welverzekerd weg. (Telos)

Mr 14:46  Zij nu sloegen de handen aan Hem en grepen Hem. (Telos)

De Heer maakt echter duidelijk dat hij geen arrestant is, maar in de eerste plaats iemand die hen tegemoet ging en zich vrijwillig aan hen overgaf. Vergelijk:

Joh 10:17  Daarom heeft de Vader Mij lief, omdat Ik mijn leven afleg, opdat Ik het weer neem. Joh 10:18  Niemand neemt het van Mij, maar Ik leg het uit Mijzelf af; Ik heb macht het af te leggen en heb macht het weer te nemen. Dit gebod heb Ik van mijn Vader ontvangen. (Telos)