Maxentius

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Marcus Aurelius Valerius Maxentius (ca. 278 - 312) was een Romeins keizer van 28 oktober 306 tot 28 oktober 312. Hij wordt een usurpator genoemd, aangezien hij geen recht had op de titel en niet door de andere keizers erkend werd.

Maxentius was de zoon van keizer Maximianus en diens vrouw Eutropia. Als zoon van een keizer leek Maxentius voorbestemd om het zelf ook te worden. Zijn schoonvader keizer Galerius had echter een hekel aan Maxentius en zette Diocletianus onder druk om te zorgen dat Maxentius geen Caesar zou worden. Maxentius kreeg die titel ook nooit, maar wel werd hij senator.

Toen Constantijn de Grote na de dood van zijn vader Constantius I Chlorus in 306 Caesar werd, gingen er in Rome al snel geruchten dat hij de Praetoriaanse garde wilde opheffen als hij terug was. De leiding van de garde bood daarom aan Maxentius het keizerschap aan. Maxentius aanvaardde en werd op 28 oktober door de garde benoemd. Hij noemde zichzelf echter niet Augustus, maar princeps, om zo zijn collega-keizers niet te veel uit te dagen. Het gebied onder zijn controle bestond uit Italië, Africa, Corsica en Sardinië.

Aurelius Maxentius evenaarde zijn vader Maximianus in wreedheid, zodat hij vele voortreffelijke en aanzienlijke mannen van hun bezittingen en hun leven beroofde. Nu en dan steeg zijn woede zo hoog, dat hij een groot aan­tal burgers te Rome aan zijn soldaten overgaf, om als in een schouwspel door hen vermoord te wor­den.

Hij gaf zich in erge mate aan den wellust over, en onderwierp vele eerbare vrouwen en jonge doch­ters, die hij met kracht en geweld in zijn macht gekregen had, aan zijn boze en onverzadelijke wil, en zond die, na haar onteerd te hebben, weer naar hun mannen of het ouderlijk huis.

Hij gaf zich ook veel af met allerlei soort van toverij en duivelse kunsten.

In het begin van zijn regering gaf dit dierlijk mens zich evenwel voor een christen uit, en gebood dat men de vervolging van de christenen zou staken, terwijl hij nochtans geen middelen onbeproefd liet, om hen te kwellen en verdriet aan te doen.

Bronnen

Maxentius, artikel op nl.wikipedia.org. Enige tekst hiervan is op 28 april onder wijziging verwerkt.

Adrianus Haemstedius, Historie der martelaren; Die, om de getuigenis der evangelische waarheid, hun bloed gestort hebben van Christus onzen zaligmaker af tot het jaar 1655. (Rotterdam: D. Bolle, 1881) blz. 47. Enige tekst hiervan is onder wijziging verwerkt op 28 april 2019.