Peor (berg)

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Peor (Gr. Phogor) is een berg in het land van de Moabieten. Daarheen werd Bileam gebracht om Israël te vervloeken (Num. 23:28).

Ligging van Peor in Moab, zie Bethpeor op de kaart.

De naam betekent ‘kloof’.

De berg ligt ten Oosten van de Dode zee en ten noorden van de rivier Arnon in de buurt van de Pisga en de berg Nebo. Zijn ligging wordt nader aangeduid door het bijvoegsel: „die tegen de woestijn ziet":

Nu 23:28 Toen nam Balak Bileam mede tot de hoogte van Peor, die tegen de woestijn ziet. (SV)

Dat is de woestijn, waarin toenmaals de kinderen Israëls waren gelegerd, dus de Arboth of de velden van Moab in het Jordaandal. Daarom was Peor een berg in de bergwand, die naar het Jordaandal afgaat, ten noorden van de Dode zee of in het gebergte Abarim.

Peor lag in Moabitisch gebied, dat later aan de stam Ruben werd toebedeeld.

Het is de berg, waarop Bileam ten derden male de Israël zou zegenen (Num. 23: 28). Hier kon Bileam het hele leger van Israel, „zoals zij gelegerd waren naar hun stammen" (Num. 24: 2), overzien. Op de tweevoudige standpunten, op Bamoth Baal (Num. 22: 41) en op de hoogte Pisa (Num. 23 : 13-14) kon hij slechts het einde van het leger zien; zij lagen zuidelijker en dus meer verwijderd. Balak was van mening, dat hoe dichter Bileam bij het leger was, hij des te beter op het volk invloed zou kunnen uitoefenen.

Peor was aan de Moabitisch-Midianitische afgod Baäl-Peor gewijd. Of de berg zijn naam had van de bijnaam van Baäl-Peor of dat deze bijnaam van de berg afkomstig was, is niet met zekerheid te zeggen. Het was de plaats waar de Israëlieten zich bezondigden aan de verering van die plaatselijke Baäl (Num. 25:3, 5, 18; Deut. 4:3; Joz. 22:17; Ps. 106:28).

Bron

H. Zeller, Bijbelsch Woordenboek voor het Christelijke volk. Tweede deel K - Z. ('s Gravenhage: M.J. Visser, 1872) s.v. Peor. Hieruit is op 13 juni 2014 tekst genomen en verwerkt.