Efraïmpoort

Uit Christipedia
(Doorverwezen vanaf Poort van Efraïm)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Efraïmpoort, poort van Efraïm of poort Efraïms, was een poort in de stadsmuur van Jeruzalem ten tijde van de eerste en tweede tempel. Zij droeg haar naam omdat ze leidde naar het stamgebied van Efraïm[1].

Zie Poorten van Jeruzalem of Categorie: Poort van Jeruzalem voor de poorten in de stadsmuur van Jeruzalem.

Plaats van de Efraïmpoort: links.

De Efraïmpoort genoemd in 2 Kon. 14:13 is vermoedelijk dezelfde als de in Zach. 14:10 genoemde poort van Benjamin. Beide stammen lagen noordelijk van Jeruzalem. De poorten bevinden zich daarom vermoedelijk aan de noordkant van de stad.

2Kon 14:13 En Joas, de koning van Israël, greep Amazia, den koning van Juda, den zoon van Joas, den zoon van Ahazia, te Beth-semes, en kwam te Jeruzalem; en hij brak aan den muur van Jeruzalem, van de poort van Efraïm tot aan de Hoekpoort, vierhonderd ellen. (SV)

Bij de inwijding van Jeruzalems herstelde muren ging een van de twee dankkoren boven de Efraïmpoort langs.

Ne 12:38 Het tweede dankkoor ging in tegenovergestelde richting, met mij erachter, en met de helft van het volk, over de muur, boven de Bakoventoren langs, tot aan de Brede Muur, Ne 12:39 boven de Efraïmpoort langs, en over de Oude Poort en over de Vispoort, de Hananeëltoren en de Honderdtoren, tot aan de Schaapspoort. Vervolgens bleven ze bij de Gevangenpoort staan. (HSV)

Uit deze passage mag men afleiden dat de poort van Efraïm tussen de brede muur en de Oude Poort was (zie plattegrond).

Voetnoot

  1. Aldus John Gill in John Gill's Expositor, commentaar bij Neh. 12:29.