Romeinen (boek)/Hoofdstuk 11

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Boeken van de Bijbel:
Ge - Ex - Le - Nu - De
- Joz - Ri - Ru - 1Sa - 2Sa
- 1Ko - 2Ko - 1Kr - 2Kr
- Ezr - Ne - Es - Job
- Ps - Sp - Pr - Hgl
- Jes - Jer - Kla - Eze - Da
- Hos - Joë - Am - Ob
- Jon - Mi - Na - Hab
- Se - Hag - Za - Ma
Mt - Mr - Lu - Jh
- Hn - Ro - 1Co - 2Co
- Ga - Ef - Flp - Co
- 1Th - 2Th - 1Ti - 2Ti - Tit
- Flm - He - Ja - 1Pe - 2Pe
- 1Jo - 2Jo - 3Jo - Ju - Op.

Hoofdstuk 11 van het Bijbelboek Romeinen (boek) wordt hieronder samengevat en/of een of meer passages worden becommentarieerd.

Rom. 11:15

Ro 11:15 Want als hun verwerping de verzoening van de wereld is, wat zal hun aanneming anders zijn dan leven uit de doden? (TELOS)

Hun verwerping. Kan betekenen: (1) hun verwerping door God, of (2) hun verwerping van de messias.

Voor de eerste uitleg pleit: onmiddellijk in het volgende gedeelte wordt gezegd dat God heeft hen als takken heeft afgebroken (11:17) en kan ze ook weer enten.

Voor de tweede uitleg pleit: God heeft hen niet verworpen, vgl. Rom. 11:1-2:

Ro 11:1 Ik zeg dan: Heeft God zijn volk verstoten? Volstrekt niet! Ik ben immers ook een Israeliet, uit het geslacht van Abraham, van de stam van Benjamin. Ro 11:2 God heeft zijn volk niet verstoten dat Hij tevoren heeft gekend. Of weet u niet wat de Schrift zegt in de geschiedenis van Elia? Hoe hij Israel bij God aanklaagt: (Telos)

Maar Israël heeft de messias verworpen (Matt. 21:42, vgl. Marc. 12:10, Luc. 20:17, 1 Petr. 2:4, 7; Marc. 8:31, vgl. Luc. 9:22; Luc. 17:25;).

Lu 20:17 Hij zag hen echter aan en zei: Wat betekent dan dit, dat geschreven staat: ‘De steen die de bouwlieden hebben verworpen, die is geworden tot een hoeksteen’? (Telos)

1Pe 2:4 tot Wie u komt, tot een levende steen, door mensen wel verworpen maar bij God uitverkoren en kostbaar, (Telos)

De verwerping van de messias is 'hun overtreding', 'hun verlies', waardoor de behoudenis en de rijkdom tot de volken is gekomen (Rom. 11:11).

Ro 11:11 Ik zeg dan: Zijn zij gestruikeld, opdat zij zouden vallen? Volstrekt niet! Maar door hun overtreding is de behoudenis tot de volken gekomen, om hun jaloersheid op te wekken. Ro 11:12 En als hun overtreding de rijkdom van de wereld is en hun verlies de rijkdom van de volken, hoeveel te meer hun volheid! (Telos)

Hun ongeloof heeft geleid tot Gods barmhartigheid jegens de gelovige heidenen.

Ro 11:30 Want evenals u voorheen niet in God geloofd hebt, maar nu barmhartigheid hebt verkregen door het ongeloof van dezen, (Telos)

Hun aanneming. Kan betekenen: (1) hun aanneming door God, of (2) hun aanneming van de messias. Voor de eerste uitleg pleit: in het volgende gedeelte wordt gezegd dat God hen weer kan enten (11:23-24). Voor de tweede uitleg pleit: in vers 11 staat dat hun volheid een grote zegen brengt.

Rom. 11:25

Ro 11:25 Want ik wil niet, broeders, dat u deze verborgenheid onbekend is, opdat u niet wijs bent in eigen oog, dat er voor een deel over Israel verharding is gekomen, totdat de volheid van de volken is ingegaan; (TELOS)

De volheid van de volken is ingegaan. Vergelijk:

Mt 22:10 En die slaven gingen naar buiten naar de wegen en brachten allen samen die zij vonden, zowel bozen als goeden; en de bruiloft werd vol met hen die aanlagen. (TELOS)

Rom. 11:27

Ro 11:27 En dit is voor hen het verbond mijnerzijds, wanneer Ik hun zonden zal wegnemen’. (TELOS)

Verwijst wellicht naar:

Jer 31:33 Maar dit is het verbond, dat Ik na die dagen met het huis van Israël maken zal, spreekt de HEERE: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven, en zal die in hun hart schrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn. Jer 31:34 En zij zullen niet meer, een iegelijk zijn naaste, en een iegelijk zijn broeder, leren, zeggende: Kent den HEERE! want zij zullen Mij allen kennen, van hun kleinste af tot hun grootste toe, spreekt de HEERE; want Ik zal hun ongerechtigheid vergeven, en hunner zonden niet meer gedenken. (SV)