Sardis

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Sardis of Sardes was een van de oudste, rijkste, beroemdste steden van Klein-Azië, hoofdstad van Lydië. Daar was een christelijke gemeente, waaraan de apostel Johannes in opdracht van de Heer Jezus een brief schreef.

De stad lag aan de noordelijke voet van de berg Tmolus. in een mooie vlakte, aan weerszijden van het riviertje Pactolus.

Ligging van Sardis
Binnenplaats van de synagoge in Sardis.

Het was de zetel van de koningen van Lydië, later van de Perzische landvoogden, want de Perzische koning Cyrus onderwierp Lydië en lijfde het met zijn hoofdstad Sardes bij Perzië in. Later eerst van Syrië, toen van de Romeinen afhankelijk, verloor de stad allengs haar betekenis. Onder de Romeinen verloor Sardis zijn plaats als administratief centrum aan Efeze, maar het bleef wel een belangrijk regionaal centrum, onder andere als juridische hoofdplaats.

Meer dan eens werd zij verwoest, ten tijde van de Romeinse keizer Tiberius zelfs bijna geheel door een aardbeving vernield. Ofschoon herbouwd, kwíjnde zij en was ca. 1860[1] een zeer gering dorp.

Haar bewoners waren oudtijds door hun zedeloosheid berucht.

Joden. In de eerste eeuw van de christelijke jaartelling woonden er vele Joden. De joodse gemeenschap was er zeer machtig.

Christenen. Dat in Sardis vele Joden woonden, kan hebben bewerkt dat er reeds vroeg een christelijke gemeente gevestigd werd. Aan haar schreef de apostel Johannes, die naar het eiland Patmos (zie kaart) verbannen was, een van de zeven brieven van Christus, waaruit blijkt dat haar zedelijk-godsdienstige toestand veel te wensen overliet.

Opb 3:1 En schrijf aan de engel van de gemeente in Sardis: Dit zegt Hij die de zeven Geesten van God en de zeven sterren heeft: Ik weet uw werken, dat u de naam hebt dat u leeft, en u bent dood. Opb 3:2 Word waakzaam en versterk het overige dat dreigde te sterven; want Ik heb uw werken niet volkomen bevonden voor mijn God. Opb 3:3 Bedenk dan hoe u het ontvangen en gehoord hebt en bekeer u. Als u dan niet waakt, zal Ik komen als een dief, en u zult geenszins weten op wat voor uur Ik tot u zal komen. Opb 3:4 Maar u hebt enkele namen in Sardis die hun kleren niet bevlekt hebben, en zij zullen met Mij wandelen in witte kleren, omdat zij het waard zijn. Opb 3:5 Wie overwint, die zal bekleed worden met witte kleren en Ik zal zijn naam geenszins uitwissen uit het boek van het leven, en Ik zal zijn naam belijden voor mijn Vader en voor zijn engelen. Opb 3:6 Wie een oor heeft, laat hij horen wat de Geest tot de gemeenten zegt. (TELOS)

Bronnen

P.J. Gouda Quint, Woordenboek des Bijbels, inzonderheid ten gebruike bij de Statenvertaling. Haarlem: De erven F. Bohn, 1866. Tekst van het lemma 'Sardis of Sardes' is op 6 april 2017 verwerkt.

Sardis (Lydië), artikel op Wikipedia.org. Enige tekst hiervan is verwerkt op 6 april 2017.

Voetnoot

  1. P.J. Gouda Quint, Woordenboek des Bijbels, inzonderheid ten gebruike bij de Statenvertaling. Haarlem: De erven F. Bohn, 1866, blz. 335.