Sjabloon:Geologische tijdschaal

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Geologische / archeologische tijdperken[1]
    • CENOZOÏCUM (66,0 milj. - heden)
      • K w a r t a i r: (2,588 milj. - heden)
        • Holoceen (11.700 jr. - heden)
          Chronozones van het Holoceen:
          • Subatlanticum (2.400 - heden)
          • Subboreaal (5.660 - 2.400 jr)
          • Atlanticum (9.220 - 5.660)
          • Boreaal (10.640 - 9.220 jr)
          • Preboreaal (11.650 - 10.640 jr)
        • Ander indeling van het Holoceen:
          • Historische tijd
          • IJzertijd
          • Bronstijd
          • Neolithicum of Nieuwe Steentijd
            • Koper(steen)tijd
              (Chalcolithicum)(5500 - 3300 v.C.)[2]
              • Laatchalcolithicum
              • Middenchalcolithicum
              • Vroegchalcolithicum
            • Laatneolithicum
            • Keramisch (of midden-)neolithicum
            • Prekeramisch (of vroeg-)neolithicum
          • Mesolithicum, Epipaleoliticum of Middensteentijd
        • Pleistoceen (2,5 milj. - 12.000 jr.)
      • T e r t i a i r (66,0 - 2,588 milj.)
        • Neogeen: (23,03 - 2,588 milj.)
          • Plioceen (5,333 - 2,588 milj.)
          • Mioceen (23,03 - 5,333 milj.)
        • Paleogeen: (66,0 - 23,03 milj.)
          • Oligoceen (33,9 - 23,03 milj.)
          • Eoceen (56,0 - 33,9 milj.)
          • Paleoceen (66,0 - 56,0 milj.)
    • MESOZOÏCUM (252,2 - 66,0 milj.)
      • Krijt (145 - 66 milj.)
      • Jura (201,3 - 145 milj.)
      • Trias (252,2 - 201,3 milj.)
    • PALEOZOÏCUM (541 - 252,2 milj.)
      • Perm]] (289,9 - 252,2 milj.)
      • Carboon (358,9 - 289,9 milj.)
      • Devoon (419,2 - 358,9 milj.)
      • Siluur (443,4 - 419,2 milj.)
      • Ordovicium (485,4 - 443,4 milj.)
      • Cambrium (541 - 485,4 milj.)
    • NEOPROTEROZOÏCUM (1000 - 541 milj.)
    • MESOPROTEROZOÏCUM (1600 - 1000 milj.)
    • PALEOPROTEROZOÏCUM (2500 - 1600 milj.)
  1. Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Geologische_tijdschaal
  2. Sommigen plaatsen de kopertijd na de nieuwe steentijd als een overgangsfase naar de bronstijd.