Verzoening

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Verzoenen onderstelt het geheel wegnemen van datgene wat de goede verstandhouding tussen twee partijen in de weg staat of verstoorde[1]. Jezus Christus, de Zoon van Gods, is het zoenmiddel voor onze zonden (1 Joh. 2:2; Rom. 5:10-11).

Volgens het Nederlandse woordenboek van Van Dale (jaar 2000) betekent het woord 'verzoenen' in de eerste plaats[2]: weer tot vrede of vriendschap brengen. Zo kan een vertoornde worden verzoend. In een huwelijksconflict kunnen man en vrouw met elkaar worden verzoend. De ene partij kan zich met de andere verzoenen: de vijandschap doen ophouden, vrede sluiten. Zij zijn dan weer verzoend. Een voorbeeldzin: Zodra het oproer gestild was, en de gemoederen enigszins tot bedaren waren gekomen, trachtte de regering haar tegenstanders te bevredigen, en reikte hun de hand der verzoening[3].

Bronzen afgietsel van een beeld getiteld 'Verzoening', gemaakt door Josefina de Vasconcellos.

In het Oude Testament wordt voor verzoenen de Hebreeuwse uitdrukking caphar gebruikt, dat 'bedekken' betekent. De zonde is iets afschuwelijks, dat de mens bevlekt en verontreinigt en wordt met drek vergeleken (Jes. 4: 4. Zach. 3: 3). Zij moet bedekt of uitgewist worden, wil de gemeenschap met God hersteld worden. Daarom gaat de betekenis „bedekken" dadelijk over in die van verzoenen.

Het Nieuwtestamentische Griekse woord catallatio betekent iemand winnen, een verandering in hem bewerken, dat hij van een vijand een vriend wordt (Kol. 1 : 20; Rom. 5:10; 1 Kor. 7: 11). Dezelfde betekenis heeft het Griekse woord hilasco (Hebr. 2: 17; Luk. 18: 13). Al deze uitdrukkingen veronderstellen een scheiding tussen God en de mens, een verstoring van de vriendschap, die weggedaan of opgeheven moet worden.

Bedekking van onze oerouders. De zonde van Adam en Eva wekte bij hen de behoefte hun schaamte (naaktheid) te bedekken. Ze gebruikten hiervoor vijgenbladeren. Wij zijn geneigd onze schande te bedekken door onze zelfgemaakte bedekkingen: verdiensten, goede werken, afwentelen van onze schuld op anderen - maar dat alles helpt niet tot verzoening.

God echter bedekte de 'schande' van onze oerouders met een dierenvel.

Ge 3:7 Toen werden hun beider ogen geopend, en zij bemerkten, dat zij naakt waren; zij hechtten vijgebladeren aaneen en maakten zich schorten. Ge 3:21 En de HERE God maakte voor de mens en voor zijn vrouw klederen van vellen en bekleedde hen daarmede. (NBG51)

Deze bedekking is een zinnebeeld van verzoening door het Lam van God. Het is een door God bedachte bedekking, die God Zelf aanbrengt.

Offers. In de handelingen die in het Oude Testament verzoening moesten bewerken, speelden offers een belangrijke rol. Voorbeeld:

Le 14:19 De priester zal ook het zondoffer bereiden, en voor hem, die van zijn onreinigheid te reinigen is, verzoening doen; en daarna zal hij het brandoffer slachten. Le 14:20 En de priester zal dat brandoffer en dat spijsoffer op het altaar offeren; zo zal de priester de verzoening voor hem doen, en hij zal rein zijn. Le 14:21 Maar indien hij arm is, en zijn hand [dat] niet bereikt, zo zal hij een lam ten schuldoffer, ter beweging nemen, om voor hem verzoening te doen ... (SV)

Bij de verzoening van melaatsen speelde ook olie een belangrijke rol (Lev. 14). Verzoening dient tot reiniging. Voor de verzoening wordt een mens ontnomen aan de staat van onreinheid waarin hij is. Over de Levieten werd bij hun inwijding verzoening gedaan om hen te reinigen.

Nu 8:21 De Levieten ontzondigden zich en wasten hun kleren, en Aäron bewoog hen als beweegoffer voor het aangezicht van de HEERE; en Aäron deed verzoening voor hen om hen te reinigen.(HSV)

Verzoening voorkomt Gods straf. De Levieten moesten voor de Israëlieten verzoening doen, zodat er onder dezen geen plaag zou zijn wanneer zij tot het heiligdom naderden.

Nu 8:19 Ik gaf de Levieten als gaven aan Aäron en aan zijn zonen uit het midden van de Israëlieten om de dienst van de Israëlieten in de tent van ontmoeting te verrichten, en om voor de Israëlieten verzoening te doen, zodat er geen plaag onder de Israëlieten zal zijn wanneer de Israëlieten tot het heiligdom naderen. (HSV)

Met God verzoend door Christus

Wij zijn met God verzoend door de dood van Zijn Zoon.

Ro 5:10 Want als wij, toen wij vijanden waren, met God verzoend zijn door de dood van zijn Zoon, veel meer zullen wij, nu wij verzoend zijn, behouden worden door zijn leven. Ro 5:11 En dat niet alleen, maar wij roemen ook in God door onze Heer Jezus Christus, door Wie wij nu de verzoening ontvangen hebben. (TELOS)

Jezus Christus, de Zoon van God, de Rechtvaardige, is onze Verzoening.

1Jo 2:1 Mijn kinderen, ik schrijf u deze dingen opdat u niet zondigt. En als iemand zondigt, wij hebben een voorspraak bij de Vader, Jezus Christus, de Rechtvaardige; 1Jo 2:2 en Hij is het zoenoffer [of de verzoening, of het zoenmiddel] voor onze zonden; en niet voor onze zonden alleen, maar ook voor de hele wereld. (TELOS)

De Heer Jezus is de Verzoening voor onze zonden inzoverre Hij onze zonden verzoend heeft door Zichzelf tot verzoening op te offeren. Hij is de Verzoener en het middel tot verzoening. Het Griekse woord dat vertaald is door 'zoenoffer' ('verzoening') is hilasmos.

2Co 5:18 En alles is uit God, die ons met Zichzelf heeft verzoend door Christus en ons de bediening van de verzoening heeft gegeven, 2Co 5:19 namelijk dat God in Christus de wereld met Zichzelf verzoenend was, terwijl Hij hun overtredingen hun niet toerekende en in ons het woord van de verzoening legde. 2Co 5:20 Wij zijn dan gezanten voor Christus, terwijl God als het ware door ons maant. Wij bidden voor Christus: Laat u met God verzoenen. (TELOS)

Roemen. Dat wij van God door middel van Zijn Zoon de verzoening ontvangen hebben, is een reden om in God te roemen.

Ro 5:11 ... wij roemen ook in God door onze Heer Jezus Christus, door Wie wij nu de verzoening ontvangen hebben. (TELOS)

Bediening van de verzoening

God had de apostel Paulus en zijn medewerkers de bediening van de verzoening gegeven.

2Co 5:18 En alles is uit God, die ons met Zichzelf heeft verzoend door Christus en ons de bediening van de verzoening heeft gegeven, 2Co 5:19 namelijk dat God in Christus de wereld met Zichzelf verzoenend was, terwijl Hij hun overtredingen hun niet toerekende en in ons het woord van de verzoening legde. 2Co 5:20 Wij zijn dan gezanten voor Christus, terwijl God als het ware door ons maant. Wij bidden voor Christus: Laat u met God verzoenen. (TELOS)

De bediening van de verzoening houdt in: (1) bekendmaken van het verzoeningswerk van God en Christus, 'het woord van de verzoening' (vers 19) verkondigen; (2) oproepen om zich met God te laten verzoenen. De mensen kunnen aan deze oproep gevolg geven voor geloof en bekering.

Engelse woorden

Het Engels heeft verschillende woorden voor verschillende soorten verzoening[4], ofwel woorden die verschillende aspecten van verzoening doen uitkomen[5]:

  • Atonement: verzoening in de zin van het weer bijeenbrengen van twee partijen door middel van vergoeding. At-one-ment berust op een vergoeding.
  • Expiation: verzoening door berouwvolle boetedoening.
  • Placation: verzoening door het tot bedaren brengen van Gods rechtvaardige toorn.
  • Propitiation: verzoening door middel van een zoenoffer.
  • Reconciliation: verzoening in de zin van het herstel van de relatie met God.

Bron

H. Zeller, Bijbelsch Woordenboek voor het Christelijke volk. Tweede deel K - Z. ('s Gravenhage: M.J. Visser, 1872) s.v. Verzoenen. Hieruit is op 11 feb. 2013 tekst genomen en verwerkt.

Voetnoten

  1. Vergelijk Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908). Zie Synoniemen.net
  2. Van Dale's Groot woordenboek der Nederlandse taal (13e uitgave), digitale versie, jaar 2000.
  3. Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908).
  4. Bijbels Theologische Encyclopedie, ed. 2008, s.v. Verzoening, verzoeningsleer
  5. Zakwoordenboek Theologie s.v. Verzoening, verzoeningsleer. Importantia Publishing, 2004.